Inleiding

In artikel 25 Invorderingswet 1990 werd bepaald dat een inwoner die van Nederland naar een andere EU-Lidstaat verhuisde uitstel wordt verleend tot het begin van het tiende jaar na zijn/haar verhuizing in verband met een fictieve vervreemding van een aanmerkelijk belang. Vervolgens kan om kwijtschelding worden gevraagd voor het nog openstaande bedrag van de conserverende aanslag uit aanmerkelijk belang.

De kwijtschelding resulteerde in effectieve fiscale emigratieplanning bijvoorbeeld met een verplaatsing van een entiteit naar Luxemburg en een emigratie van de natuurlijk persoon naar Portugal. Na de kwijtschelding van de conserverende aanslag werd het mogelijk om volledig belastingvrij de (historische) inkomsten uit aanmerkelijk belang te genieten zonder enige heffing.

Wet van 15 september 2015

Met ingang van 15 september 2015 is de wettelijke bepaling van artikel 25 Invorderingswet 1990 op twee onderdelen aangepast.

1. De eerste wijziging betreft de termijn voor het verlenen van uitstel van betaling, de zogenaamde tienjaarstermijn is vervallen. De termijn is niet langer meer beperkt tot tien jaar, maar onbeperkt verlengd om fiscale emigratieplanning verder te beperken.

2. De tweede aanpassing houdt in dat in de wettelijk bepaling is bepaald dat bij een uitkering van meer dan 25% van de reserves op het moment van emigratie verminderd met de (buitenlandse) dividendbelasting, het uitstel van betaling onmiddellijk wordt beëindigd.

Beide maatregelen leiden mogelijk tot een beperking van fiscale emigratieplanning voor bestaande aanmerkelijk belanghouders.

Nieuwe AB-houders

Naar verwachting zal in de komende jaren blijken of deze reparatiewetgeving stand houdt op grond van het Europese Recht.

Ondernemers die nu gaan starten en of de onderneming wensen te exploiteren door middel van een rechtspersoon (nieuwe aanmerkelijk belanghouders) kunnen nog immer gebruik maken van een fiscale planning om de Nederlandse (toekomstige) heffing over inkomen uit aanmerkelijk belang te beperken/voorkomen.

Daarnaast zal ook blijken of de wijzigingen niet in een ander ongewenst effect resulteert, te weten een vroegtijdige emigratie van (toekomstige) aanmerkelijk belanghouders. Immers wanneer een onderneming wordt gestart/ingebracht in een besloten vennootschap en op dat moment geen of slechts sprake is van een beperkte winst uit aanmerkelijk belang kan de aanmerkelijk belanghouder ervoor kiezen al op dat moment buiten Nederland te gaan wonen, maar de activiteiten en de vennootschap in Nederland te vestigen. Het is naar mijn mening niet ondenkbaar dat toekomstige aanmerkelijk belanghouders door hun adviseurs hierop worden gewezen, zodat vooraf een weloverwogen keuze kan worden gemaakt.

Conclusie

Het beperken van belastingheffing indien mogelijk zal naar mijn mening niet verdwijnen. Wel is de vraag of en hoeveel toekomstige aanmerkelijk belanghouders voor een nog eerder moment van emigratie kiezen, immers niet eenieder zal ervoor kiezen Nederland voortijdig te verlaten als woonland. Het lek is naar mijn mening niet volledig gedicht, wel verder beperkt.

Ewald de Groot
6 december 2015

Deel via... ... of praat mee via onze

Leave A Reply